Naar hoofdinhoud

ECLI:NL:PHR:2015:1619

Parket bij de Hoge Raad

Uitspraak
23 juni 2015
Zaaknummer
14/04288
Rechtsgebied
Strafrecht

Inhoudsindicatie

1. Nemo tenetur. Wilsafhankelijk. In zijn overwegingen heeft het Hof als zijn oordeel tot uitdrukking gebracht dat de inhoud van de ordners niet kan worden aangemerkt als bewijsmateriaal dat door verdachte onder dwang is afgegeven. Dat oordeel is niet onbegrijpelijk. Het middel steunt op de onjuiste opvatting dat op de enkele grond dat de medewerking van verdachte nodig is om documenten te verkrijgen waarin een verklaring van verdachte is vervat, dat bewijsmateriaal als wilsafhankelijk bewijsmateriaal moet worden aangemerkt (vgl. ECLI:NL:HR:2015:1130). HR merkt op dat in cassatie niet voor het eerst kan worden aangevoerd dat de ordners, gezien de inhoud daarvan, bewijsmateriaal bevatten dat als ‘wilsafhankelijk’ materiaal moet worden gekwalificeerd, omdat de beoordeling daarvan een onderzoek van feitelijke aard vergt. 2. Vordering b.p. Het oordeel van het Hof dat b.p. X rechtstreeks schade heeft geleden door het bewezenverklaarde handelen, waaronder het medeplegen van gewoontewitwassen, is niet onbegrijpelijk en behoeft, mede in aanmerking genomen dat tegen deze vordering geen (voldoende onderbouwd) verweer is gevoerd, geen nadere motivering. 3. Middel b.p. HR verklaart b.p. Y n-o in haar beroep. Geen stellige en duidelijke klacht over een rechtspunt betreffende haar vordering.