ECLI:NL:PHR:2026:424
Parket bij de Hoge Raad
- Uitspraak
- 12 mei 2026
- Zaaknummer
- 24/04620
- Rechtsgebied
- Strafrecht
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Veroordeling wegens strafbare feiten die samenhangen met btw-fraude door autohandelaar (eenmanszaak): valsheid in geschrift, het opzettelijk laten doen van een onjuiste aangifte omzetbelasting en witwassen, art. 225 en 420bis Sr, art. 69 AWR. Middel over de bewijsvoering. CAG: de bewijsvoering berust er in de kern op dat de verdachte als afnemer van vijf Mercedessen ‘wist of had moeten weten’ van de door de leveranciers begane btw-fraude en dat hij als frauduleuze schakel in de transactieketen geen recht had op aftrek voorbelasting. Het hof heeft het oog op zogenoemde missing trader intra-community fraud. Het oordeel van het hof dat de verdachte welbewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard op deelneming aan btw-fraude, is niet onbegrijpelijk in het licht van het oordeel dat het in het handelsverkeer ongebruikelijk is dat een afnemer (i.c. de verdachte) op de hoogte wordt gesteld van de prijzen waarvoor een leverancier zijn voorraad heeft ingekocht (wat het hof heeft vastgesteld), het gegeven dat de btw-fraude door de leveranciers vaststaat, en de in de bewijsvoering blootgelegde transparantie in de kostprijsstructuur van de inkoop waarbij de verdachte weet had van het verlies dat door de leveranciers van de Mercedessen werd gemaakt bij de inkoop in Duitsland. Strekt tot verwerping.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.