ECLI:NL:PHR:2026:677
Parket bij de Hoge Raad
- Uitspraak
- 7 juli 2026
- Zaaknummer
- 24/03554
- Rechtsgebied
- Strafrecht
Inhoudsindicatie
Conclusie AG. Poging doodslag door met hockeystick op hoofd buurman te slaan (art. 45 jo. art. 287 Sr). Het eerste middel, dat klaagt over het oordeel van het hof dat de verdachte zich had moeten en kunnen onttrekken aan de dreigende aanranding, faalt i.h.l.v. ’s hofs niet onbegrijpelijke oordeel dat verdachte via zijn openstaande voordeur, waarvan hij twee meter verwijderd was, van de dreigende aanval weg had moeten lopen. Het tweede middel, dat klaagt over oordeel hof dat geen sprake is van eigen schuld in de zin van art. 6:101 BW, faalt eveneens. ’s Hofs overwegingen dat aangever dreigende aanval heeft veroorzaakt en zich ook niet onbetuigd heeft gelaten, zijn met dat oordeel niet strijdig. Het namens de benadeelde partij aangevoerde kan niet worden aangemerkt als cassatiemiddel in de zin van de wet. Deze conclusie strekt tot verwerping van het beroep (art. 81.1 RO).
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.