ECLI:NL:RBAMS:2026:5479
Rechtbank Amsterdam
- Uitspraak
- 21 mei 2026
- Zaaknummer
- 8117850422
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Verdachte heeft zich als bestuurder van een rechtspersoon schuldig gemaakt aan faillissementsfraude door – vóór het faillissement van naam bedrijf BV – buitensporig middelen te gebruiken en daarnaast geldbedragen en een auto aan de boedel te onttrekken. Ook heeft hij nagelaten om een volledige administratie te voeren en te voldoen aan de op zijn als bestuurder van een failliete rechtspersoon rustende inlichtingenplicht. De rechtbank constateert dat er sprake is van een forse overschrijding van de redelijke termijn. De rechtbank acht de oplegging van een taakstraf van 180 uur, te vervangen door 90 dagen, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden, met een proeftijd van twee jaren passend en geboden.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.