ECLI:NL:RBMNE:2026:4029
Rechtbank Midden-Nederland
- Uitspraak
- 7 juli 2026
- Zaaknummer
- 16/268999-24
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich samen met de medeverdachte schuldig heeft gemaakt aan, kort gezegd, het stelselmatig mishandelen van haar kinderen gedurende ongeveer één jaar. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf van 14 maanden, met aftrek van het voorarrest, waarvan een gedeelte van 4 maanden voorwaardelijk. De proeftijd bij de voorwaardelijke gevangenisstraf wordt vastgesteld op drie jaren met als bijzondere voorwaarden dat de verdachte zich meldt bij de reclassering, meewerkt aan ambulante behandeling en zich houdt aan een contactverbod met haar kinderen. Ook legt de rechtbank een 38v-maatregel op, inhoudende een contactverbod met de medeverdachte.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.