ECLI:NL:RBNHO:2026:8007
Rechtbank Noord-Holland
- Uitspraak
- 11 juni 2026
- Zaaknummer
- 15/227276-25
- Rechtsgebied
- Strafrecht; Strafprocesrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
Jeugdstrafrecht. Artikelen 5 en 6 Wegenverkeersweg. Voor een bewezenverklaring van artikel 6 WVW moet de rechtbank vaststellen dat de verdachte schuld heeft in de zin van die bepaling. De rechtbank is van oordeel dat het gedrag van de verdachte de drempel van aanmerkelijk onvoorzichtig en/of onoplettend rijden niet haalt. Uit het onderzoek van de F0 verkeer blijkt immers dat het zicht op het slachtoffer dusdanig werd belemmerd door de abri, dat de rechtbank ervan uitgaat dat de verdachte het slachtoffer pas kon zien op het moment dat hij achter de abri vandaan liet fietspad opliep. Vervolgens is de vraag aan de orde of de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan overtreding van artikel 5 WVW. Door met te hoge snelheid te rijden op een snorfiets, was de verdachte niet in staat zijn snorfiets op tijd tot stilstand te brengen en is naar het oordeel van de rechtbank sprake van gevaar zettend gedrag.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.