ECLI:NL:RBROT:2026:10322
Rechtbank Rotterdam
- Uitspraak
- 16 juli 2026
- Zaaknummer
- 10.221760.25
- Rechtsgebied
- Strafrecht
- Procedure
- Eerste aanleg - meervoudig
Inhoudsindicatie
De verdachte heeft liet slachtoffer uit liet niets een klap op zijn oog gegeven en tegen het lichaam geschopt, als gevolg waarvan het slachtoffer zwaar lichamelijk letsel (te weten een gebroken oogkas, een gebroken jukbeen en verminderd zicht aan het rechteroog) heeft opgelopen. De verdachte wordt vrijgesproken van bedreiging. Hij krijgt een gevangenisstraf opgelegd van 370 dagen waarvan 27 dagen voorwaardelijk, met daaraan verbonden bijzondere voorwaarden die dadelijk uitvoerbaar zijn. Het onvoorwaardelijk strafdeel is gelijk aan liet voorarrest. De door de benadeelde partij gevorderde materiële schadevergoeding wordt toegewezen. In de vordering tot vergoeding van immateriële schade wordt de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard.
Uitspraak
Lees de hele uitspraak met een gratis account
Alle rechtsoverwegingen, de toegepaste wetsartikelen en de gerelateerde uitspraken.