1 Tenlastelegging
De officier van justitie beschuldigt de verdachte ervan dat hij – samengevat – 22,3 gram cocaïne en 7,5 gram heroïne heeft verkocht en 39,38 en/of 3.572,44 gram hennep(toppen) en een vuurwapen (categorie III) met munitie voorhanden heeft gehad.
De volledige tenlastelegging houdt in dat
1.
hij omstreeks de periode van 18 april 2026 tot en met 23 april 2026 te Rotterdam
opzettelijk
heeft geteeld en/of bereid en/of bewerkt en/of verwerkt en/of verkocht en/of
afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd,
in elk geval opzettelijk aanwezig heeft gehad,
ongeveer 22,3 gram, in elk geval een (handels- en/of gebruikers-)hoeveelheid van
een materiaal bevattende cocaïne, zijnde cocaïne (telkens) een middel als bedoeld
in de bij de Opiumwet behorende lijst I en/of
ongeveer 7,5 gram, in elk geval een (handels- en/of gebruikers-) hoeveelheid van
een materiaal bevattende heroïne,
zijnde heroïne, (telkens) een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende
lijst I, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
2.
hij op 23 april 2026 te Rotterdam,
opzettelijk
aanwezig heeft gehad
ongeveer 39,38 gram en/of 3572,44 gram hennep en/of henneptoppen,
in elk geval een hoeveelheid van meer dan 30 gram hennep,
zijnde hennep,
een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst II, dan wel
aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
3.
hij op 23 april 2026 te Rotterdam,
een wapen in de zin van artikel 1 onder 3, gelet op artikel 2 lid 1 van Categorie III,
onder 1 van de Wet wapens en munitie,
te weten een vuurwapen, van het merk: MAB, model: C, kaliber: 7.65 MM,
zijnde een vuurwapen in de vorm van een pistool
en/of
(voor dit vuurwapen geschikte) munitie in de zin van art. 1 onder 4º, gelet op artikel
2 lid 2 van Categorie III van de Wet wapens en munitie,
te weten 7 kogelpatronen van het kaliber: 7.65 mm,
voorhanden heeft gehad.