Een partij kan zijn vordering respectievelijk tegenvordering of de gronden daarvan veranderen of vermeerderen gedurende de arbitrale procedure, op voorwaarde dat de wederpartij daardoor in zijn verdediging niet onredelijk wordt bemoeilijkt of het geding daardoor niet onredelijk wordt vertraagd.
Boek Vierde › titel Eerste › afdeling Tweede
Artikel 1038d
Artikel 1038d
Onderdeel van Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2015