Naar hoofdinhoud

Boek Tweede › titel Tweede › afdeling Derde

Artikel 483c

Artikel 483c

Onderdeel van Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering· Procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1992

1. Niet opeisbare vorderingen en vorderingen die recht geven op periodieke uitkeringen, worden in de rangschikking begrepen voor hun waarde ten tijde van het opmaken van de staat van verdeling. 2. Bij de berekening wordt uitsluitend gelet op het tijdstip en de wijze van aflossing, het kansgenot, waar dit bestaat, en, indien de vordering rentedragend is, op de bedongen rentevoet.

Rechtspraak bij dit artikel