De rechthebbende is naast de bewindvoerder bevoegd tot handelingen dienende tot gewoon onderhoud van de goederen die hij in gebruik heeft en tot handelingen die geen uitstel kunnen lijden. Voor het overige komt het beheer uitsluitend toe aan de bewindvoerder.
Boek 4 › Titel 5 › Afdeling 7 › Paragraaf 3
Artikel 166
Artikel 166
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 4· Personen- en familierecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2003