**1.** Het bevoegd gezag stelt de leerlingen in de gelegenheid op de school, binnen de schooltijden, godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs te ontvangen. Van de tijd daaraan te besteden, worden ten hoogste 40 uren per schooljaar meegeteld voor het aantal uren onderwijs dat de leerlingen krachtens artikel 12, eerste lid, ten minste moeten ontvangen. Voor de leerlingen die dit onderwijs niet volgen, voorziet het bevoegd gezag in andere onderwijsactiviteiten op de school.
**2.** Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op samenwerkingsscholen als bedoeld in artikel 28j.
**3.**
Het bevoegd gezag informeert de ouders in de schoolgids over de mogelijkheid om godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk onderwijs te ontvangen.
Titel II › Afdeling 2
Artikel 53
Godsdienstonderwijs of levensbeschouwelijk vormingsonderwijs
Onderdeel van Wet op de expertisecentra· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 2019