Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › § 1

Artikel 3

Artikel 3

Onderdeel van Scheepvaartverkeerswet· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2021

1. Toepassing van de artikelen 4, 10, vierde lid, 11 en 12 kan, behoudens het bepaalde in het tweede lid, slechts geschieden in het belang van: het verzekeren van de veiligheid en het vlotte verloop van het scheepvaartverkeer; het instandhouden van scheepvaartwegen en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan; het voorkomen of beperken van schade door het scheepvaartverkeer aan de waterhuishouding, oevers en waterkeringen, of werken gelegen in of over scheepvaartwegen; het voorkomen of beperken van externe veiligheidsrisico’s in verband met schepen; het voorkomen of beperken van verontreiniging door schepen. 2. Toepassing van artikel 4 ten behoeve van een in het eerste lid genoemd belang kan mede geschieden in het belang van het voorkomen of beperken van: hinder of gevaar door het scheepvaartverkeer voor personen die zich anders dan op een schip te water bevinden; schade door het scheepvaartverkeer aan de landschappelijke of natuurwetenschappelijke waarden van een gebied waarin scheepvaartwegen zijn gelegen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel