Bestuurders die een bijzondere manoeuvre uitvoeren, zoals wegrijden, achteruitrijden, uit een uitrit de weg oprijden, van een weg een inrit oprijden, keren, van de invoegstrook de doorgaande rijbaan oprijden, van de doorgaande rijbaan de uitrijstrook oprijden en van rijstrook wisselen, moeten het overige verkeer voor laten gaan.
Hoofdstuk II › § 24
Artikel 54
Artikel 54
Onderdeel van Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 november 1991