Naar hoofdinhoud

Boek 8 › Hoofdstuk II › Titel 3 › Afdeling 3

Artikel 219

Artikel 219

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 8· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1992

1. De krachtens deze afdeling verleende voorrechten gaan teniet door verloop van een jaar, tenzij de schuldeiser zijn vordering in rechte geldend heeft gemaakt. Deze termijn begint met de aanvang van de dag volgend op die, waarop de vordering opeisbaar wordt. Met betrekking tot de vordering voor hulploon begint deze termijn echter met de aanvang van de dag volgend op die, waarop de hulpverlening is beëindigd. 2. Het voorrecht gaat teniet met de vordering. 3. In geval van executoriale verkoop gaan de voorrechten mede teniet op het tijdstip waarop het proces-verbaal van verdeling wordt gesloten.

Rechtspraak bij dit artikel