De vergunning voor een accijnsgoederenplaats kan door de inspecteur worden ingetrokken ingeval:
niet wordt voldaan aan de in de vergunning opgenomen voorwaarden;
geen of niet voldoende zekerheid is gesteld;
misbruik van de vergunning is gemaakt of een poging daartoe is gedaan;
de vergunninghouder onherroepelijk is veroordeeld wegens het niet nakomen van een wettelijke bepaling inzake de accijns;
de vergunninghouder in staat van faillissement verkeert of ten aanzien van hem de schuldsaneringsregeling natuurlijke personen van toepassing is;
de vergunninghouder daarom verzoekt;
de vergunning gedurende een aaneengesloten periode van 12 maanden niet is gebruikt.
Hoofdstuk III › Afdeling 2
Artikel 48
Artikel 48
Onderdeel van Wet op de accijns· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2016