Naar hoofdinhoud

Boek 6 › Titel 5 › Afdeling 4

Artikel 255

Artikel 255

Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 6· Contracten, schade en aansprakelijkheid

Deze tekst geldt sinds 1 januari 1992

1. Heeft een beding ten behoeve van een derde ten opzichte van die derde geen gevolg, dan kan degene die het beding heeft gemaakt, hetzij zichzelf, hetzij een andere derde als rechthebbende aanwijzen. 2. Hij wordt geacht zichzelf als rechthebbende te hebben aangewezen, wanneer hem door degene van wie de prestatie is bedongen, een redelijke termijn voor de aanwijzing is gesteld en hij binnen deze termijn geen aanwijzing heeft uitgebracht.

Rechtspraak bij dit artikel