Elke onmogelijkheid van nakoming, ontstaan tijdens het verzuim van de schuldenaar en niet toe te rekenen aan de schuldeiser, wordt aan de schuldenaar toegerekend; deze moet de daardoor ontstane schade vergoeden, tenzij de schuldeiser de schade ook bij behoorlijke en tijdige nakoming zou hebben geleden.
Boek 6 › Titel 1 › Afdeling 9 › § 2
Artikel 84
Artikel 84
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 6· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1992