**1.** Een recht van pand of hypotheek kan zowel voor een bestaande als voor een toekomstige vordering worden gevestigd. De vordering kan op naam, aan order of aan toonder luiden. Zij kan zowel een vordering op de pand- of hypotheekgever zelf als een vordering op een ander zijn.
**2.** De vordering waarvoor pand of hypotheek wordt gegeven, moet voldoende bepaalbaar zijn.
Boek 3 › Titel 9 › Afdeling 1
Artikel 231
Artikel 231
Onderdeel van Burgerlijk Wetboek Boek 3· Goederenrecht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 1992