Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 13

Artikel 13

Onderdeel van Algemene nabestaandenwet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2012

1. Verzekerd overeenkomstig de bepalingen van deze wet is degene, die ingezetene is; geen ingezetene is, doch ter zake van in Nederland of op het continentaal plat in dienstbetrekking verrichte arbeid aan de loonbelasting is onderworpen. 2. Niet verzekerd is de vreemdeling die niet rechtmatig in Nederland verblijf houdt in de zin van artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000. 3. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan, in afwijking van het eerste en tweede lid, uitbreiding dan wel beperking worden gegeven aan de kring van verzekerden. 4. Indien een verzekerde ophoudt ingezetene te zijn, eindigt zijn verzekering, behoudens voor de toepassing van de Wet financiering sociale verzekeringen en voor zover niet reeds op hem van toepassing is een overeenkomstige regeling van Aruba, Curaçao, Sint Maarten, de openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba, van een andere Mogendheid of een volkenrechtelijke organisatie, niet eerder dan zes weken na de dag, met ingang waarvan hij heeft opgehouden ingezetene te zijn. Op de termijn, gesteld in de eerste volzin, is de Algemene Termijnenwet niet van toepassing. 5. Bij een maatregel, als bedoeld in het derde lid, kan worden kan worden bepaald dat bij een niet rechtmatig verblijf in Nederland in de zin van artikel 8, onder a tot en met e en l, verzekerd zijn: vreemdelingen die rechtmatig in Nederland arbeid verrichten, dan wel hebben verricht; vreemdelingen die, na rechtmatig verblijf te hebben gehouden in de zin van artikel 8, onder a tot en met e en l, van de Vreemdelingenwet 2000, rechtmatig in Nederland verblijf hebben als bedoeld in artikel 8, onder g of h, van de Vreemdelingenwet 2000.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel