Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Afdeling III

Artikel 46b

Artikel 46b

Onderdeel van Algemene nabestaandenwet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 6 januari 2014

1. De Sociale verzekeringsbank schort de betaling van de uitkering op, indien blijkt dat het door de nabestaande verstrekte adres van hemzelf of van een kind afwijkt van het adres waaronder de betrokkene in de basisregistratie personen staat ingeschreven. 2. Geen opschorting vindt plaats: indien de afwijking redelijkerwijs geen gevolgen kan hebben voor het recht op of de hoogte van de uitkering; indien de nabestaande van de afwijking redelijkerwijs geen verwijt kan worden gemaakt. 3. De Sociale verzekeringsbank doet schriftelijk mededeling van de opschorting aan de nabestaande. 4. De opschorting wordt beëindigd zodra het aan de Sociale verzekeringsbank gebleken is dat de afwijking niet meer bestaat.

Rechtspraak bij dit artikel