**1.** Bij een verblijf in een inrichting is de norm per kalendermaand, indien het betreft:
een alleenstaande of een alleenstaande ouder: € 449,44;
gehuwden: € 699,11.
**2.** Het bedrag van de norm, bedoeld in het eerste lid, wordt verhoogd met:
voor een alleenstaande of een alleenstaande ouder € 47,00;
voor gehuwden € 106,00.
**3.** Indien een van de gehuwden in een inrichting verblijft, is de norm de som van de normen die voor ieder van hen als alleenstaande of alleenstaande ouder zouden gelden.
Hoofdstuk 3 › § 3.2
Artikel 23
Normen in inrichting
Onderdeel van Participatiewet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026