**1.** De toezichthouder gaat pas over tot openbaarmaking op grond van artikel 185, eerste lid, of artikel 188, eerste lid, nadat vijf werkdagen zijn verstreken na de dag waarop het besluit tot openbaarmaking, bedoeld in artikel 189, aan de belanghebbende is bekendgemaakt.
**2.** Indien de belanghebbende verzoekt om een voorlopige voorziening als bedoeld in artikel 8:81 van de Algemene wet bestuursrecht om openbaarmaking op grond van artikel 185, eerste lid, of artikel 188, eerste lid, te voorkomen, wordt de openbaarmaking opgeschort totdat er een uitspraak is van de voorzieningenrechter.
Hoofdstuk 7 › § 7.4 › § 7.4.1
Artikel 190
Moment van openbaarmaking
Onderdeel van Pensioenwet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht
Deze tekst geldt sinds 13 januari 2019