Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › § 4.1

Artikel 49

Informatie elektronisch of schriftelijk

Onderdeel van Pensioenwet· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 13 januari 2019

1. De pensioenuitvoerder verstrekt de informatie elektronisch of schriftelijk. Er wordt ten hoogste eenmaal per jaar gewisseld tussen schriftelijke verstrekking en elektronische verstrekking van de informatie. 2. De pensioenuitvoerder informeert de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde schriftelijk of elektronisch over het voornemen tot elektronische verstrekking. 3. De pensioenuitvoerder verstrekt de informatie schriftelijk, indien de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde over het voornemen tot elektronische verstrekking, bedoeld in het tweede lid: schriftelijk is geïnformeerd en hij bezwaar heeft gemaakt tegen elektronische verstrekking; of elektronisch om instemming is gevraagd en hij niet heeft ingestemd met elektronische verstrekking. 4. Indien de pensioenuitvoerder de deelnemer of de gewezen deelnemer elektronisch informatie verstrekt, is hij verplicht de elektronisch verstrekte informatie te bewaren tot één jaar na het overlijden van de pensioengerechtigde dan wel tot één jaar na het aflopen van de uitkering aan de nabestaanden. De deelnemer of de gewezen deelnemer kan ten hoogste eenmaal per jaar de elektronisch verstrekte informatie opvragen. 5. De pensioenuitvoerder verstrekt de deelnemer, gewezen deelnemer, gewezen partner of pensioengerechtigde aan wie de informatie elektronisch wordt verstrekt, op verzoek een papieren afschrift van de informatie. 6. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot dit artikel.

Rechtspraak bij dit artikel