**1.** Hij die opzettelijk en wederrechtelijk eenig goed dat geheel of ten deele aan een ander toebehoort, vernielt, beschadigt, onbruikbaar maakt of wegmaakt, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de eerste categorie.
**2.** Gelijke straf wordt toegepast op hem die opzettelijk en wederrechtelijk een dier dat geheel of ten deele aan een ander toebehoort, doodt, beschadigt, onbruikbaar maakt of wegmaakt.
boek Tweede › Titel XXVII
Artikel 366
Artikel 366
Onderdeel van Wetboek van Strafrecht BES· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010