Van elke toevoeging en van elke wijziging daarin wordt onverwijld, op de wijze bij algemene maatregel van bestuur te bepalen, kennis gegeven aan de officier van justitie, de raadsman, de verdachte en bovendien, in geval van een gerechtelijk vooronderzoek, aan de rechter-commissaris, alsmede, indien de verdachte in het huis van bewaring of de gevangenis verblijft, aan de directeur van die inrichting.
Boek Tweede › Titel II › Afdeling Derde › Par. 4
Artikel 68
Artikel 68
Onderdeel van Wetboek van Strafvordering BES· Procesrecht
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 2010