**1.** Bij de verstrekking van de gegevens over een bij een cliënt ingebracht implantaat door de zorgaanbieder aan het register, bedoeld in artikel 7b, tweede lid, van de wet:
wordt de naam van de zorgaanbieder verstrekt door middel van het nummer, bedoeld in artikel 11, eerste lid, aanhef en onderdeel a, van de Handelsregisterwet 2007;
worden de naam van de fabrikant, de productnaam en het producttype van het implantaat verstrekt door middel van de UDI-identificatiecode van het hulpmiddel, bedoeld in artikel 27, eerste lid, onderdeel a, onder i, van de verordening;
wordt het lot- of serienummer van het implantaat verstrekt door middel van de UDI-identificatiecode van de productie, bedoeld in artikel 27, eerste lid, onderdeel a, onder ii, van de verordening;
wordt de unieke aanduiding van het implantaat verstrekt door middel van de codes, bedoeld in onderdelen b en c;
**2.** Indien de codes, bedoeld in het eerste lid, onderdelen b, c en d, niet beschikbaar zijn, worden de in die onderdelen bedoelde gegevens op andere voor het register geschikte wijze verstrekt.
**3.** De verstrekking van de gegevens vindt plaats uiterlijk een maand na de datum van de implantatie, de explantatie of het overlijden van de cliënt.
Artikel 3
Artikel 3
Onderdeel van Regeling registratie implantaten· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2019