**1.** Bij de aanvraag om afgifte van een vaarbevoegdheidsbewijs of een bekwaamheidsbewijs legt de aanvrager de volgende bescheiden over aan de minister:
een door hem ingevuld en ondertekend aanvraagformulier;
een geldig paspoort of ander geldig nationaliteitsbewijs van de aanvrager;
een recente pasfoto;
het burgerservicenummer van de aanvrager indien deze de Nederlandse nationaliteit heeft;
het kennisbewijs of bekwaamheidsbewijs op grond waarvan afgifte wordt gevraagd;
de voor het gewenste vaarbevoegdheidsbewijs vereiste bekwaamheidsbewijzen en schriftelijke bewijzen;
een geldige geneeskundige verklaring zeevaart, bedoeld in artikel 31, eerste lid, van de wet; en
een bewijs dat is voldaan aan de vereiste goedgekeurde diensttijd voor het gewenste bewijs.
**2.** Voor de vernieuwing van een vaarbevoegdheidsbewijs is het eerste lid, met uitzondering van onderdeel e, van overeenkomstige toepassing.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.1
Afgifte vaarbevoegdheidsbewijs of bekwaamheidsbewijs
Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025