Naar hoofdinhoud

TITEL II

Artikel 36

Tussenkomst door derden

Onderdeel van Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juni 2010

1. In alle zaken die voor een Kamer of de Grote Kamer aanhangig zijn, heeft een Hoge Verdragsluitende Partij waarvan een onderdaan verzoeker is het recht schriftelijke conclusies in te dienen en aan zittingen deel te nemen. 2. De President van het Hof kan, in het belang van een goede rechtsbedeling, elke Hoge Verdragsluitende Partij die geen partij bij de procedure is of elke belanghebbende die niet de verzoeker is, uitnodigen schriftelijke conclusies in te dienen of aan zittingen deel te nemen. 3. In alle zaken die voor een Kamer of de Grote Kamer aanhangig zijn, kan de Commissaris voor de Mensenrechten van de Raad van Europa schriftelijke conclusies indienen en aan hoorzittingen deelnemen.

Rechtspraak bij dit artikel