Naar hoofdinhoud
(1). In geval van een noodlanding of ander ongeval van een luchtvaartuig van de door een Overeenkomstsluitende Partij aangewezen luchtvaartmaatschappij binnen het grondgebied van de andere Overeenkomstsluitende Partij zullen de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied het voorval heeft plaats gehad, onverwijld de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij in kennis stellen van de bijzonderheden en omstandigheden van het voorval en alle noodzakelijke bijstand verlenen aan de bemanning en de passagiers. (2). Indien een noodlanding of ander ongeval de dood of zware verwonding van enig persoon ten gevolge heeft of aanzienlijke beschadiging van een luchtvaartuig, zullen de luchtvaartautoriteiten van de Overeenkomstsluitende Partij op wier grondgebied het voorval heeft plaats gehad bovendien: de bescherming van bewijsmateriaal verzekeren en de veilige bewaking van het luchtvaartuig en alles wat aan boord is, daaronder begrepen de post, bagage en vracht; onmiddellijk toegang verlenen tot het luchtvaartuig aan gevolmachtigde vertegenwoordigers van de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij en aan gevolmachtigde vertegenwoordigers van de luchtvaartmaatschappij wier luchtvaartuig bij het voorval is betrokken; een onderzoek instellen naar de omstandigheden van het voorval; de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij volledige faciliteiten verlenen om bij het onderzoek vertegenwoordigd te zijn; indien daartoe verzocht door de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij, het luchtvaartuig en alles wat aan boord is (voorzover zulks redelijk mogelijk is) onaangeroerd laten in afwachting van de inspectie daarvan door een vertegenwoordiger van deze autoriteiten; het luchtvaartuig en alles wat aan boord is vrijgeven zodra het onderzoek dit toelaat; aan de luchtvaartautoriteiten van de andere Overeenkomstsluitende Partij een verslag van het onderzoek sturen zodra dit beschikbaar is.

Rechtspraak bij dit artikel