Verzamelbegrip; kabels of leidingen zijn onderdeel van een totaal net(werk), met uitzondering van bovengrondse hoogspanningsleidingen, daaronder ook begrepen de daarmee verbonden (stalen) kasten tbv. transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations, voorzieningen(afsluiters, brandkranen, lassen etc.) en andere hulpmiddelen, behalve voor zover deze verbindingen en hulpmiddelen liggen binnen de installatie van een producent of van een afnemer. Ook omvattende: lege buizen, ondergrondse ondersteuningswerken (zoals mantelbuizen, kabelgoten, handholes, lasdozen, duikers) en beschermingswerken. Voorbeelden van kabels of leidingen zijn telecommunicatie- en omroepkabels, elektriciteitskabels (koppel-, transport- en distributiekabels), gasleidingen (transport-, distributie- en dienstleidingen), leidingen voor warmte-koude opslag, waterleidingen en kabels of leidingen voor industriële netwerken. Inhoudelijk is er procedureel geen onderscheid gemaakt in de begrippen kabels of leidingen.
Hoofdstuk 1:
Artikel 1.1.
onderdeel i (kabels of leidingen)
Onderdeel van Verordening Ondergrondse infrastructuur Son en Breugel 2015