**1..** Het college ziet af van een verlaging als:
elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt, of
de gedraging heeft plaatsgevonden meer dan één jaar voor constatering daarvan door het college.
**2..** Het college ziet van een verlaging af als het daarvoor dringende redenen aanwezig acht.
**3..** Als het college afziet van een verlaging op grond van dringende redenen, wordt een belanghebbende hiervan schriftelijk op de hoogte gesteld.
Hoofdstuk 1.
Artikel 4
Afzien van verlaging
Onderdeel van Verordening Handhaving Participatiewet, IOAW en IOAZ 2017