Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 4

Melding of aanvraag

Onderdeel van Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuren inzake werkzaamheden

1. Een grondroerder doet minimaal acht weken voor de geplande aanvang van de werkzaamheden bij het college melding voor een instemmingsbesluit dan wel aanvraag voor een vergunning voor voorgenomen werkzaamheden als bedoeld in artikel 3 lid 1 van de verordening. 2. Indien de voorgenomen werkzaamheden mede betrekking hebben op gronden van andere gedoogplichtigen, stelt de grondroerder uiterlijk vier weken na indiening van de melding of aanvraag, het college schriftelijk in kennis van de resultaten van het overleg met de andere gedoogplichtige(n). 3. Voorgenomen werkzaamheden van minder ingrijpende aard, conform artikel 1 lid k van de verordening, dient de grondroerder minimaal 4 werkdagen voor uitvoering van deze werkzaamheden schriftelijk bij de gemeente te melden. Op grond van belangen als genoemd in artikel 7 lid 1 van de verordening kan het college bepalen dat realisatie op een ander tijdstip moet plaats vinden. 4. Spoedeisende werkzaamheden/calamiteiten, als bedoeld in artikel 3 lid 2 van de verordening, ten gevolge van een ernstige belemmering of storing in de dienstverlening via het net, waarvan uitstel niet mogelijk is, dan wel in relatie tot een calamiteit, dient de grondroerder voorafgaand aan de aanvang van de werkzaamheden te melden. 5. Het college kan gebieden aanwijzen waar artikel 4 lid 3 en lid 4 van de verordening niet van toepassing zijn.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel