Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 11.

Uitstel van betaling en een betalingsregeling

Onderdeel van Beleidsregels terugvordering, invordering en verhaal Participatiewet, IOAW en IOAZ 2024 Burgemeester en wethouders van de Gemeente Geertruidenberg.

Als uitstel van betaling of een betalingsregeling om welke reden dan ook niet plaatsvindt, is de belanghebbende van rechtswege in verzuim na afloop van de in het terugvorderingsbesluit genoemde periode van zes weken. Indien ambtshalve dan wel op basis van een gemotiveerd verzoek van belanghebbende duidelijk is dat belanghebbende geen mogelijkheid heeft om binnen de gestelde betalingstermijn tot algehele aflossing van de vordering over te gaan, kan met uitzondering van het bepaalde in het vijfde lid, uitstel van betaling of een betalingsregeling worden verleend. Aan het verleende uitstel of betalingsregeling wordt de voorwaarde verbonden dat belanghebbende, voor zover hij beschikt over aflossingscapaciteit, deze aflossingscapaciteit aanwendt ter aflossing van de openstaande schuld. Het besluit tot uitstel of de betalingsregeling wordt ingetrokken indien: de belanghebbende de voorwaarden verbonden aan het besluit niet nakomt onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van juiste of volledige gegevens tot een ander besluit zou hebben geleid. Door het college kan enkel geen medewerking worden verleend aan een betalingsregeling indien een vordering is ontstaan door: - het niet of niet behoorlijke nakomen door de belanghebbende van de verplichting, bedoeld in artikel 17, eerste en tweede lid, lid, van de Participatiewet en artikel 13, eerste en tweede lid, van de IOAW en de IOAZ en artikel 30c, tweede en derde lid van de Wet Suwi; - opzet of grove schuld, en hiervoor een bestuurlijke boete is opgelegd, dan wel met betrekking tot het niet of niet behoorlijk nakomen van die verplichtingen aangifte is gedaan op grond van het Wetboek van Strafrecht.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel