Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.2

Artikel 3.2.1

Parkeren Op Eigen Terrein (POET)

Onderdeel van Nota parkeernormen 2025

Een ruimtelijke ontwikkeling dient in haar eigen parkeeropgave te voorzien om te voorkomen dat de parkeerdruk in de directe omgeving toeneemt tot een niveau waarbij parkeerhinder te verwachten is. De benodigde ruimte voor deze parkeeropgave moet in beginsel worden gezocht op eigen terrein. Onder “eigen terrein” verstaan we de grond waarover een initiatiefnemer van een ruimtelijke ontwikkeling duurzaam en aantoonbaar kan beschikken gedurende het gebruik van de functie, binnen de maximaal acceptabele loopafstand van de ruimtelijke activiteit. Dit kan in voorkomende gevallen ook openbare ruimte omvatten. Denk bijvoorbeeld aan het bezoekersaandeel van individuele woningen of parkeergelegenheid voor ouders die hun kinderen brengen en halen van een basisschool. Is de parkeerbehoefte op basis van het initiële plan niet of niet geheel op het eigen perceel te realiseren dan kunnen onderstaande maatregelen genomen worden: Bouwplan zodanig aanpassen dat een lagere parkeerbehoefte ontstaat en kan worden voorzien in voldoende parkeercapaciteit op eigen perceel; Creëren van meer parkeeraanbod door het aanleggen en/of beschikbaar maken van extra parkeergelegenheid buiten het plangebied op particulier terrein, binnen de van toepassing zijnde acceptabele loopafstanden (voorwaarden zie H3.2.2); Gebruik maken van eventueel beschikbare restcapaciteit voor het bezoekersaandeel van de parkeerbehoefte (voorwaarden zie H3.2.3) , e.e.a. aan te tonen met een representatieve parkeerdrukmeting (vereisten parkeerdrukmeting zie H3.2.6)

Rechtspraak bij dit artikel