**1..** Op basis van de grondslagen in artikel 6, 8 of 10 van deze regeling wordt jaarlijks het basissubsidiebedrag bepaald.
Wanneer het basissubsidiebedrag hoger ligt dan het bedrag uit de nulmeting, dan geldt het volgende:
In 2026 stijgt de subsidie met 25% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2027 stijgt de subsidie met 50% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2028 stijgt de subsidie met 75% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2029 stijgt de subsidie met 100% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
Na 2029 wordt het subsidiebedrag bepaald op basis van de grondslagen uit artikel 6, 8, en 10 van deze regeling.
**2..** Wanneer het basissubsidiebedrag lager is dan het bedrag van de nulmeting geldt het volgende:
In 2026 daalt de subsidie met 25% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2027 daalt de subsidie met 50% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2028 daalt de subsidie met 75% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
In 2029 daalt de subsidie met 100% van het verschil tussen het bedrag uit de nulmeting en het basissubsidiebedrag.
Na 2029 wordt het subsidiebedrag bepaald op basis van de grondslagen uit artikel 6, 8, en 10 van deze regeling.
Het maximaal te verstrekken subsidiebedrag per vrijwilligersorganisatie is € 10.000, - per jaar.
Hoofdstuk III. › Paragraaf
Artikel 15.
Hoogte van de subsidie
Onderdeel van Subsidieregeling Vrijwilligerssubsidie Sport en bewegen Sint- Michielsgestel 2026