Naar hoofdinhoud

Artikel 4

Algemene regels en uitzonderingen

Onderdeel van Mandaatregeling Wijdemeren 2026

1.. De uitoefening van de bevoegdheden geschiedt binnen de grenzen van de vastgestelde taken en met inachtneming van het terzake geldende recht alsmede de geldende beleids- en uitvoeringsregels. 2.. In geval van bestuursrechtelijke procedures waarbij getracht wordt te schikken geldt dat als de uitoefening van de bevoegdheid politieke consequenties krijgt of vermoedelijk zal krijgen, de mandataris hierover eerst met de portefeuillehouder overlegt om de grenzen van het mandaat te bepalen. 3.. Het te nemen besluit of het uitoefenen van de bevoegdheid wordt voorgelegd aan het college, respectievelijk de burgemeester, voordat de bevoegdheid kan worden uitgeoefend, indien: het besluit afwijkt of een aanvulling is van het tot dan gevoerde beleid, richtlijnen, regelgeving of voorschriften; advies nodig is van andere afdelingen, instellingen of commissies en het advies en het eigen standpunt niet op elkaar aansluiten of niet tot dezelfde conclusie leiden; overleg nodig is met de portefeuillehouder en de portefeuillehouder te kennen geeft het voorstel aan het college van burgemeester en wethouders te willen voorleggen; het besluit overschrijding van budgetten of kredieten zou inhouden; uit het te nemen besluit andere niet voorziene financiële of andere belangrijke consequenties kunnen voortvloeien; ter voorbereiding op het besluit zienswijzen zijn ingediend.

Rechtspraak bij dit artikel