Naar hoofdinhoud
1.. De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, tweede lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gemotoriseerde vaartuigen verhuurd, zulks schriftelijk te melden aan de door het college van burgemeester en wethouders aangewezen gemeenteambtenaren, bedoeld in artikel bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdelen b en d, van de Gemeentewet. 2.. Het eerste lid geldt niet voor de belastingplichtige die voor het jaar voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening een aanslag boot verhuur heeft ontvangen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel