In deze regeling wordt verstaan onder:
belanghebbende: degene aan wie, op grond van artikel 5:1, tweede en derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) en artikel 67o, eerste lid, van de AWR, in de hoedanigheid van pleger, medepleger, doen pleger, uitlokker, medeplichtige, feitelijk leidinggever of opdrachtgever een bestuurlijke boete kan worden opgelegd.
heffingsambtenaar: de gemeenteambtenaar als bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet;
pleitbaar standpunt: een door belanghebbende ingenomen standpunt, dat gelet op de stand van de jurisprudentie en de heersende leer, in die mate juridisch pleitbaar of verdedigbaar is dat belanghebbende redelijkerwijs kan menen juist te handelen;
opzet: het willens en wetens handelen of nalaten, leidend tot het niet of niet binnen de daarvoor gestelde termijn heffen van belasting. Onder opzet wordt mede verstaan voorwaardelijk opzet;
Voorwaardelijke opzet: het willens en wetens aanvaarden van de aanmerkelijke kans dat een handelen of nalaten tot gevolg heeft dat te weinig belasting geheven is of kan worden geheven;
grove schuld: een in laakbaarheid aan opzet grenzende mate van verwijtbaarheid. Bij grove schuld had belanghebbende redelijkerwijs moeten of kunnen begrijpen dat zijn gedrag tot gevolg kon hebben dat te weinig belasting zou worden geheven. Grove schuld omvat mede grove onachtzaamheid.
Hoofdstuk 1
Artikel 2
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregels bestuurlijke boeten toeristenbelasting gemeente Noord-Beveland