Het college bepaalt de rangorde op de volgordelijst stapsgewijs op basis van de volgende stappen en legt de uitkomst daarvan schriftelijk vast:
Stap 1: Onderwijshuisvesting
Projecten die voorzien in onderwijshuisvesting worden onvoorwaardelijk als hoogste gerangschikt, gelet op het maatschappelijk belang en de wettelijke zorgplicht van de gemeente voor voldoende onderwijscapaciteit. De volgorde van onderwijshuisvestingsprojecten wordt bepaald op basis van de maand van startbouw.
Stap 2: Start bouw
Als tweede stap vindt voor woningbouwprojecten een rangschikking plaats op basis van de maand van start bouw, waarbij een project hoger wordt gerangschikt als de bouw eerder start. Hierbij moet de maand van start bouw voldoende concreet zijn onderbouwd.
Stap 3: Projectrijpheid
Na de rangschikking van stap 2 stelt het college de projectrijpheid van het project vast op basis van de beschikbare gegevens in een onderrangorde van één tot en met zes:
Rangorde:
Beschikbare documenten:
1
Er is een civielrechtelijke overeenkomst, en een onherroepelijk omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit verleend voor de projectlocatie.
2
Er is een civielrechtelijke overeenkomst, en een onherroepelijk omgevingsplan vastgesteld of onherroepelijke vergunning voor en BOPA verleend voor de projectlocatie.
3
Er is alleen een onherroepelijke omgevingsvergunning verleend voor de projectlocatie.
4
Er is alleen een omgevingsplan vastgesteld of vergunning voor een BOPA verleend voor de projectlocatie.
5
Er is alleen een civielrechtelijke overeenkomst.
6
Er zijn andere bewijsstukken waardoor een project in aanmerking komt voor prioritering.
Stap 4: Maatschappelijk belang
Binnen de op basis van de stappen 1 tot en met 3 gemaakte onderverdeling vindt een onderverdeling plaats op basis van het maatschappelijk belang en de netimpact van het project, waarbij een project hoger wordt gerangschikt als het voldoet aan één of meer van de volgende eisen:
de projectlocatie is een transformatielocatie waarbij een onwenselijke activiteit plaatsmaakt;
het aandeel sociale huur conform de jaarlijks landelijk vastgestelde huurprijsgrenzen bedraagt meer dan 30% en het aandeel betaalbare woningen conform de jaarlijks landelijk vastgestelde koopprijs/huurprijsgrenzen bedraagt meer dan 67%; of
het voorziet in de huisvesting voor bijzondere doelgroepen (ouderen, zorgbehoevenden, statushouders, spoedzoekers, Oekraïners, asielzoekers, arbeidsmigranten).
Stap 5: Datum oplevering
Binnen de op basis van de stappen 1 tot en met 4 gemaakte onderverdeling vindt een onderverdeling plaats op basis van de verwachte opleverdatum, waarbij een project hoger wordt gerangschikt als de verwachte oplevering eerder plaatsvindt.
Artikel 7.
Rangordebepaling volgordelijst
Onderdeel van Beleidsregels aanvraag prioriteit transportcapaciteit woningbouwprojecten en onderwijshuisvesting Son en Breugel 2026