In deze verordening wordt verstaan onder: a. peuterspeelzaalwerk: het
bieden van speelgelegenheid aan kinderen van twee tot vier jaar
gedurende een of meer dagdelen per week van maximaal 3,5 uur met als
doel de ontwikkeling van deze kinderen te bevorderen en hen samen te
laten spelen; b. peuterspeelzaal: een voorziening waar
peuterspeelzaalwerk plaatsvindt; c. houder: degene die een
peuterspeelzaal exploiteert; d. beroepskracht: degene die in een
peuterspeelzaal werkzaamheden verricht die zijn opgenomen in de voor het
peuterspeelzaalwerk geldende CAO en die beschikt over een voor deze
werkzaamheden passende beroepskwalificaties; e. begeleider: degene die
anders dan als beroepskracht is belast met de begeleiding van kinderen
bij een peuterspeelzaal.
Hoofdstuk 1
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening kwaliteitsregels peuterspeelzalen