**1..** De vergunninghouder dient:
ervoor te zorgen dat zijn standplaats steeds een goed verzorgd aanzien biedt;
tijdens de markt zelf zijn afval, verpakkingsmaterialen en dergelijke in te zamelen;
voordat hij het marktterrein verlaat zijn standplaats en de onmiddellijke omgeving daarvan schoon achter te laten en het afval in de daarvoor bestemde afvalbakken te deponeren.
**2..** De vergunninghouder aan wie vergunning is verleend geringe eet- en drinkwaren voor consumptie gereed te maken en te verkopen, dient aan de voorzijde van zijn standplaats voldoende afvalbakken te plaatsen. De standplaats dient bezemschoon te worden achtergelaten.
**3..** Het is de standplaatshouder zonder ontheffing van het college verboden op zijn standplaats:
gebruik te maken van andere dan elektrische verlichting;
elektriciteit te betrekken van een ander dan degene die door het college voor het leveren daarvan is aangewezen of om hierin zelf te voorzien.
**4..** Het is de vergunninghouder verboden verwarmingstoestellen en/of bak- en kookinstallaties te gebruiken. Het college kan ontheffing verlenen van dit verbod, onder door hem te stellen voorschriften.
**5..** Het is verboden tijdens de markt op het marktterrein gebruik te maken van luidsprekers, versterkers en andere middelen ter versterking van het geluid. Het aanwezig hebben van radio’s, cd-spelers en overige geluidsapparatuur op de standplaats, voor een ander doel dan verkoop ervan, is evenmin toegestaan. Het college kan ontheffing verlenen van dit verbod, onder door hem te stellen voorschriften.
Paragraaf 3
Artikel 17
Nadere regels standplaats
Onderdeel van Verordening op de warenmarkt voor de gemeente Krimpen aan den IJssel