1 De voorzitter zendt, spoedeisende vergaderingen uitgezonderd, ten
minste 8 dagen voor een vergadering de leden van de raad een
schriftelijke oproep onder vermelding van dag, tijdstip en plaats
van de vergadering.
2 De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
uitzondering van de in artikel 25, eerste en tweede lid, van de
Gemeentewet bedoelde stukken worden tegelijkertijd met de
schriftelijke oproep aan de leden van de raad verzonden.
3 Indien een aanvullende agenda wordt vastgesteld als bedoeld in
artikel 8, tweede lid, worden deze agenda en de daarop vermelde
voorstellen zo spoedig mogelijk, doch uiterlijk 48 uur voor aanvang
van de vergadering aan de leden van de raad gezonden.
4 Onder schriftelijke oproep wordt mede verstaan een digitaal
bericht waarin de leden van de raad opgeroepen worden.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 1
Artikel 7
Oproep
Onderdeel van Reglement van orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden