De bevoegdheid tot kennisneming berust in strafzaken (artikel 34, I.) bij de Rijnvaartrechtbank, in wier gebied de overtreding is begaan; in burgerlijke zaken bij de rechtbank, in wier gebied de betaling had moeten geschieden (artikel 34, II. a.), of de schade is veroorzaakt (artikel 34, II. b. c. d.).
Artikel 35
Artikel 35
Onderdeel van Herziene Rijnvaartakte· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 1869